Fabric-Melt: achterspuiten van textiel
Drs. Ing. John Düring, Ing. Willem Vonderhorst
In principe kan zowat elk materiaal, wat tussen de matrijshelften geplaatst kan worden, met een willekeurig spuitgietbaar materiaal achterspoten worden. In de praktijk zijn de combinaties echter tot een aantal materialen beperkt. Voor bepaalde toepassingen zijn in de loop der tijd een aantal verschillende technieken van achterspuiten ontwikkeld [1]. Aan de hand van een regelmatig gebruikte indeling zullen, in een serie artikelen, de meest belangrijke technieken kort besproken worden.
Fabric-Melt
Bij Fabric-melt of Textile-melt gaat het om het
achterspuiten van relatief zachte materialen zoals een weefsel,
vilt of tapijt. Een opsomming van alle mogelijkheden op het
gebied van textiel zal u bespaard blijven, echter belangrijk is
te weten dat inmiddels ook schuimen, zachte (dikke) folies
alsmede gelaagde combinaties (laminaten) tot de mogelijkheden
behoren. Het achterspuiten van textiel is ontwikkeld als een
economisch alternatief voor het achteraf (lees: post-mould)
cacheren of lamineren van spuitgietdelen in een separate
processtap [2]. Behalve een economisch voordeel kan het
achterspuiten ook milieu-vriendelijker zijn omdat immers geen
verlijming meer noodzakelijk is. Zie de figuur.

Fabric-Melt
Naast de al genoemde de termen Fabric-Melt of Textile-Melt wordt ook de term in-mould-lamination gebruikt. Hoewel het achterspuiten aan belang wint, wordt in de automobiel industrie post-mould-lamination nog op grote schaal toegepast. Typische automotive producten die met behulp van achterspuiten al gemaakt worden zijn de diverse zuilen alsmede deur- en compartiment panelen. Het textiel is dan of een gekleurd vilt of een laminaat met een decoratief dessin.
Laminaat
Zo'n laminaat is opgebouwd uit verschillende lagen met elk hun
functie. Een typisch laminaat bestaat uit een toplaag, een
tussenlaag en een zogenaamde interliner als onderste laag. De
interliner heeft een belangrijke functie omdat het onder meer de
afschuifkrachten tijdens het achterspuiten moet kunnen opvangen
en het moet voorkomen dat de smelt de tussenlaag kan penetreren.
Deze tussenlaag is veelal een ge-extrudeerde schuimlaag die op de
achterzijde van de toplaag gelamineerd of gecacheerd is. Terwijl
de toplaag dus vooral een esthetische functie heeft en aangenaam
moet aanvoelen (haptiek) moet de tussenlaag voor een soft-touch
effect zorgen. Een interessante ontwikkeling is die waarin een
soft-touch gerealiseerd kan worden door de toplaag aan de
achterzijde van een speciale coating te voorzien. Bij het
achterspuiten zal, als gevolg van de ingebrachte warmte, de
coating opschuimen en zodoende een soft-touch effect geven [3].
Homogeen vs. heterogeen
Met betrekking tot de laminaten is er een groot verschil tussen
een heterogeen en een homogeen systeem. Bij een homogeen systeem
bestaat het gehele product uit kunststoffen die met elkaar
compatibel zijn. In tegenstelling tot een heterogeen systeem is
een homogeen systeem dus bij uitstek te recycleren. Zie
de tabel.
| Dikte (mm) | Laminaat heterogeen |
Laminaat homogeen |
Functie | |
| Toplaag | Weefsel: 1 - 4 Folie: 0,5 - 1 |
PET, PA PVC, ABS |
PP TPO |
Decoratie, Haptiek |
| Tussenlaag | 1 - 3 | PUR-schuim PVC-schuim |
PO-schuim | Soft-touch |
| Interliner | Non-woven: 0,5 - 1 Breisel: 0,5 - 1 |
PET | PP | Integriteit, Hechting |
| Substraat | 2 - 3 | Gevuld PP, ABS PC/ABS, PS |
Gevuld PP | Vorm, Struktuur |
Productopbouw laminaten met weefsels.
Bij recycling kan men onderscheidt maken tussen het intern verwerken van afvalstromen die ontstaan tijdens het productie proces enerzijds, en het verwerken van het product nadat het door de consument gebruikt is (post-consumer) anderzijds. Het wordt meer en meer noodzakelijk geacht om al bij de ontwikkeling van een nieuw product terdege met deze aspecten rekening gehouden wordt.
Handling
Het textiel kan eenvoudig uitgestanst worden, of met behulp van
laser of een hete draad op maat uitgesneden worden. Gezien de
afmetingen, dikte en om kostentechnische redenen worden het
textiel gewoonlijk niet van een rol verwerkt. Alleen in bepaalde
gevallen zoals voor zuilen heeft zin om bij de spuitgietmachine
direct van een rol te werken.
Een robot of een pick-and-place unit positioneert het textiel in
de matrijs (zie foto). Als de matrijs
horizontaal staat is de zwaartekracht meestal voldoende om het
stuk op de plaats te houden. Indien de matrijs echter verticaal
staat moet het textiel (tijdelijk) op plaats gehouden worden met
behulp van grijpers, klemmen of pinnen. Bedenk dat gezien aard en
gewicht het gebruik van alleen vacuüm en/of statische
elektriciteit vaak onvoldoende is om dikke laminaten vast te
houden.

Achterspuiten van TPO-folie/PO-schuim laminaat (Kraus-Maffei
Benelux).
Spuitgiet-technieken
Als gevolg van de samendrukbaarheid van zachte materialen is
tijdens inspuiting een lage interne druk in de matrijs van groot
belang om een kwalitatief goed eindproduct te verkrijgen. Met
name direct rondom de aanspuiting, bij de samenvloeinaden en het
einde van de vloeiwegen zijn kritische plekken. Als gevolg van
het verschil in interne matrijsdruk tussen aanspuiting en einde
vloeiweg zal het te achterspuiten materiaal bij de aanspuiting
meer verdicht zijn en dus harder aanvoelen. Verder kan rondom de
aanspuiting materiaal weggespoten worden waardoor het substraat
door de decoratie heen schijnt of zelfs kapot scheurt. De
samenvloeinaden kunnen aanleiding geven tot vouwvorming. Bij een
weefsel kan verder vervorming van het dessin optreden, dit als
gevolg van een verschuiving van schering en inslag. Om deze
tekortkomingen op te heffen is in eerste instantie getracht de
gewenste lage druk alleen via aanpassen van de procesinstellingen
te verkrijgen [4], later zijn er door de diverse machinebouwers
speciale matrijs-machine configuraties ontwikkeld.
Nabehandeling
Na het achterspuiten wordt het eventuele overstekende textiel met
de hand, laser of waterstraaljet weggesneden. Het is mogelijk om
deze handeling in de matrijs uit te voeren met een hete draad of
een geïntegreerde stansbeweging maar deze oplossingen maken de
matrijs gecompliceerd en onderhoudsgevoelig. Soms wordt het
overstekende textiel niet weggesneden maar wordt het in een apart
station in een separate processtap met behulp van hete schuiven
om het product gevouwen (om-de-rand). Ook deze handeling is in de
matrijs te integreren, bijvoorbeeld met behulp een derde
matrijsplaat [5], deze trekt het textiel dan over de kern heen.
Echter ook hier geldt dat de matrijs daardoor gecompliceerder en
onderhoudsgevoeliger wordt.
Conclusie
Hoewel het zwaartepunt van de ontwikkelingen in Fabric-Melt nog
steeds ligt in toepassingen voor de automobiel industrie,
behoeven mogelijke toepassingen uiteraard niet tot deze industrie
gelimiteerd te zijn. Gedachte is om nu juist van de opgedane
kennis en ervaring gebruik te maken. Ontwikkelingen in de textiel
voor wat betreft de laminaat opbouw maken vele andere
toepassingen ook mogelijk.
Literatuur
[1] Düring,J.; Greutink,G.; Decoratietechniek kent veel
variaties: Achterspuiten. Kunststof
& Rubber 52 (1999) 7, blz. 10-11.
[2] Steinbichler,G.: Textilmelt versus Klebekaschieren.
Kunststoffe 85 (1995), blz. 337-340.
[3] Möller Werke GmbH.: Method of producing plastics mouldings
with a decorative surface. World patent WO 95/16552 (1993).
[4] Hettinga,S.: Fundamentals of controlled low pressure
injection molding. Reprint from Plastic News International, April
1994.
[5] Michaeli,W.; Galuschka,S.: Hinterspritzen: Eine Analyse der
Randbedingungen, Teil II. Plastverarbeiter 44 (1993) 3, blz.
62-68.
Mercatel Groep BV
Postbus 545
7500 AM Enschede
Tel.: 053-483 66 33
Fax: 053-483 66 31
Internet: www.mercatel.nl
Back to list of publications